Smil werpt zich op als een man van feiten (die niet altijd correct zijn als hij op pagina 153 schrijft dat in Nederland de veestapel met een derde is gekrompen sinds eind 2021). De lezer moet niet bang zijn voor cijfers, want Smil bedient zich er uitbundig van. Hoe ‘nerdy’ de talrijke cijfers en feiten over bijvoorbeeld micronutriënten, diëten of fotosynthese ook zijn, voor Smil bieden ze een belangrijk tegenwicht tegen ‘wishful thinking’. Hij deelt hiermee een sneer uit naar wat in zijn ogen valse voedselprofeten zijn die onrealistische beloften doen en simpele narratieven uitdragen. Zoals het idee dat het wereldwijde voedselsysteem in zijn voegen piept en kraakt en op instorten staat of dat alle heil en zegen van biologische landbouw dan wel gentech of kweekvlees zal komen. Smil is enerzijds optimistischer dan doemdenkers en anderzijds sceptisch als één oplossingsrichting wordt bepleit.


