Formulebedrijven, privatelabelhouders en bedrijven met een hygiënecode opgelet. Per 1 juli 2026 worden de microbiologische criteria in Verordening (EG) nr. 2073/2005 aangescherpt, met specifieke aandacht voor Listeria monocytogenes. Dit ziekteverwekkende micro-organisme kan zelfs groeien bij lage temperaturen. Daarom is het belangrijk dat de groei tijdens de houdbaarheidstermijn binnen de norm blijft, aldus Houwers in een nieuwsbericht.
Kant-en-klaar
De regels voor Listeria monocytogenes worden aangescherpt. De wetswijziging Vo. (EU) 2024/2895) geldt uitsluitend voor foodcategorie 1.2: kant-en-klare levensmiddelen die als voedingsbodem kunnen dienen voor deze bacterie. Vanaf die datum moet listeria monocytogenes afwezig zijn in 25 gram product wanneer een bedrijf geen houdbaarheidsstudie heeft uitgevoerd.
Grenswaarde met houdbaarheidsstudie
Bedrijven die wel een onderbouwde studie hebben, moeten kunnen aantonen dat de bacterie gedurende de hele houdbaarheid onder de grens van 100 kve/g blijft. Daarbij moet direct na productie worden getoetst aan een strenger criterium, zoals afwezigheid in 25 gram of een passende intermediaire grenswaarde. Deze grenswaarde garandeert dat het product aan het einde van de houdbaarheid niet boven 100 kve/g uitkomt.
Omgevingsonderzoek
Als het gaat om monsters van de productie-omgeving, was de eis: vier keer per jaar tien monsters. Deze komt te vervallen. Vanaf 1 juli wordt de frequentie bepaald aan de hand van een risico-inventarisatie van de gehele productie-omgeving. De bemonsteringsfrequentie voor proceshygiënecriteria wordt afgestemd op de aard en de omvang van het levensmiddelenbedrijf. De risico-inventarisatie moet allesomvattend zijn. Alles is van belang, zoals machine-onderdelen en of er sprake kan zijn van (kruis)besmetting van niet verpakte producten.
Uniforme regels
De criteria zijn vanaf 1 juli 2026 uniform, ongeacht of het product onder controle van de producent is of in de handel. De eis ‘afwezig in 25 gram’ geldt vanaf 1 juli 2026 ook in de handel. De aangescherpte verordening is van toepassing op bedrijven die gebruikmaken van een hygiënecode en hoofdzakelijk leveren aan andere bedrijven. De verordeningen gelden ook voor formulebedrijven en privatelabelhouders.
Zij moeten een eigen aanvulling opstellen voor de onderdelen die niet zijn uitgewerkt in hun hygiënecode. Deze eigen aanvulling is niet nodig wanneer de hygiënecode van hun sector al volledig en aantoonbaar voldoet aan de aanvullende eisen van de Europese verordening.
Lees ook: Corbion en de nieuwe Listeria-wetgeving
Consumentenverkoop
Bedrijven die met een hygiënecode werken en vooral direct aan consumenten verkopen, hoeven geen verificatie zoals laboratoriumonderzoek uit te voeren volgens Vo. 2073/2005. Dit geldt ook als deze bedrijven slechts in beperkte mate leveren aan andere detailhandel waarvoor geen NVWA-erkenning nodig is. De maatregelen in de hygiënecode zijn dan voldoende om de voedselveiligheid te waarborgen. Dit betekent niet dat de microbiologische criteria niet gelden, benadrukt Houwers. Als er bijvoorbeeld salmonella wordt gevonden in een vleesbereiding bij een slager, dan is dat product onveilig en mag het niet verkocht worden.
Bron: Houwers